direct naar inhoud van 3.2 Ruimtelijk beleid
Plan: Westenholte Stins
Status: ontwerp
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0193.BP12015-0003

3.2 Ruimtelijk beleid

3.2.1 Rijksbeleid

Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (2012)

Op rijksniveau is de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) het belangrijkste ruimtelijke beleidskader.De SVIR geeft een nieuw, integraal kader voor het ruimtelijk en mobiliteitsbeleid op rijksniveau. De structuurvisie vervangt onder meer de Nota Ruimte, de Nota Mobiliteit, de Structuurvisie Randstad 2040 en de Mobiliteitsaanpak.De SVIR bevat geen beleid dat direct doorwerkt naar de ruimtelijke ontwikkeling van het plangebied. De SVIR geeft wel aan dat unieke cultuurhistorische waarden moeten worden geborgd. Het voorliggende bestemmingsplan voldoet hieraan. De cultuurhistorische waarden worden in het plangebied geborgd.

AMvB Ruimte (2012)

De nationale belangen uit de SVIR die juridische borging vragen, worden geborgd in de AMvB Ruimte. Deze AMvB wordt in juridische termen aangeduid als het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro). De AMvB is gericht op doorwerking van nationale belangen in gemeentelijke bestemmingsplannen en zorgt voor sturing en helderheid van deze belangen vooraf. Met de AMvB Ruimte geeft het Rijk aan dat ingezet wordt op zuinig ruimtegebruik, bescherming van kwetsbare gebieden en bescherming van het land tegen overstroming en wateroverlast. Mede gezien de aard van het plan (conserverend) vormt het rijksbeleid geen belemmering voor dit bestemmingsplan.

3.2.2 Provinciaal beleid

Omgevingsvisie / Omgevingsverordening Overijssel

De provincie Overijssel heeft op 1 juli 2009 de Omgevingsvisie en de Omgevingsverordening vastgesteld. In de Omgevingsvisie is het streekplan, verkeer- en vervoerplan, waterhuishoudingsplan en milieubeleidsplan samengevoegd tot één, volledig integraal provinciaal beleidsplan voor de fysieke leefomgeving. In de Omgevingsvisie staat de zorg voor ruimtelijke kwaliteit en duurzaamheid centraal. Deze elementen zijn derhalve binnen de hele Omgevingsvisie te vinden.

Om het spectrum aan verschillende gebiedskenmerken inzichtelijk te maken hebben we ze gegroepeerd in vier ’lagen’, elk met een eigen logica. Zo is er de natuurlijke laag, de laag van het agrarisch cultuurlandschap, een stedelijke laag en een ‘lust- en leisure’ laag.

In de natuurlijke laag heerst de logica van de ondergrond en het watersysteem en hoe abiotische (bodemvorming, erosie, sedimentatie) en biotische processen (successie van plant- en diersoorten) daarop inspelen. Dan is er de laag van het agrarisch cultuurlandschap; hier gaat het om het ten nutte maken van het landschap ten behoeve van agrarische productie. De derde laag is die van het stedelijk gebied, de dorpen en de infrastructuur. Hier draait het om sociale en fysieke dynamiek en diversiteit van de steden, dorpen en landstadjes en het verbindende netwerk hiertussen van wegen, paden, spoorwegen en kanalen. En tenslotte is er de lust- en leisurelaag; hier komen natuurlijke, functionele en sociale processen bij elkaar. Dit is de laag die gaat over beleving (o.a. recreatie en donkerte) en identiteit (o.a. cultuurhistorie).

In de provinciale omgevingsvisie is het plangebied aangeduid als: Natuurlijke laag; komgronden, Agrarisch cultuurlandschap: bebouwing, Stedelijke laag: woonwijken 1955-nu.

In de provinciale verordening is het plangebied aangeduid als: dorpen en kernen als veelzijdige leefmilieus: bebouwing.

Het conserverende bestemmingsplan is in overeenstemming met het provinciaal beleid.

3.2.3 Gemeentelijk beleid

Het structuurplan Zwolle 2020 is op 16 juni 2008 door de raad vastgesteld. Het strucuurplan geeft de gemeentelijke visie op de gewenste sociale, economische en ruimtelijke structuur in 2020 weer. Het structuurplan verwoordt niet alleen een kwantitatieve opgave, maar nadrukkelijk ook een kwalitatieve opgave. De visie bestaat uit verschillende programma's voor de verschillende beleidsterreinen. De globale visies op de toekomstige sociale, economische en ruimtelijke structuur zijn uitgewerkt tot de kern van het structuurplan: de plankaart met een beschrijving in hoofdlijnen van de meest gewenste ontwikkelingen voor de komende jaren. de plankaart geeft zo een integraal beeld ven beoogde functies van Zwolle tot 2020.

Op de structuurplankaart is het plangebied aangewezen als stedelijk gebied. Het bestemmingsplan is niet in strijd met het structuurplan.